Eigenschappen met een X: dit zijn de twee die echt bestaan

Eigenschappen met een X: dit zijn de twee die echt bestaan

Kort antwoord: er zijn twee echte Nederlandse eigenschappen met een X: xenofoob (bang voor of vijandig tegenover vreemden) en xenofiel (juist aangetrokken tot het vreemde). Verder houdt het op. In de meeste spellen mag je bij de X daarom een naam, merk of plaats gebruiken.

De twee die tellen

  • xenofoob — vijandig of angstig tegenover vreemdelingen en het onbekende
  • xenofiel — het tegenovergestelde: open voor en aangetrokken tot vreemde culturen

Beide staan in het woordenboek als bijvoeglijk naamwoord en beschrijven een houding, dus ze voldoen aan wat een spel meestal vraagt. Controleren kan bij Van Dale of in de Woordenlijst Nederlandse Taal.

Waarom het er zo weinig zijn

De X komt in het Nederlands vrijwel alleen voor in leenwoorden, meestal uit het Grieks of Latijn. Bij zelfstandige naamwoorden lukt dat nog (xylofoon, examen), maar eigenschapswoorden met een X zijn op één hand te tellen. Samen met de Q en de Y hoort de X tot de moeilijkste letters in dit soort spellen.

Wat vaak wordt geprobeerd

Mensen noemen weleens xenofobisch als variant van xenofoob; dat wordt meestal goedgekeurd. Xerografisch of xenogeen zijn technische termen die geen karaktertrek beschrijven en daarom vrijwel altijd worden afgekeurd. En "extravert" telt niet, want dat begint met een e.

Wat de meeste spelregels toestaan

Bij de lastige letters laten veel huisregels een naam, merk of plaatsnaam toe. Spreek dat vooraf af, dan hoeft niemand halverwege te discussiëren. Sommige groepen kiezen ervoor de X helemaal over te slaan en een extra ronde met een makkelijke letter te spelen.

Samengevat

Xenofoob en xenofiel zijn de twee die je altijd kunt gebruiken. Daarbuiten is er weinig, dus spreek van tevoren af of namen en merken meetellen. Meer taalvragen beantwoordt Onze Taal.